Het secundair onderwijs

Om een juiste studie- en schoolkeuze te maken, is een goede kennis van het onderwijslandschap essentieel. Op dit vlak speel jij als leerkracht een belangrijke rol: voor veel van je leerlingen en hun ouders ben jij de eerste in lijn met kennis over het Vlaamse onderwijs. Bovendien heb je een goed zicht op de mogelijkheden en wensen van je leerlingen. Hierdoor ben je prima geplaatst om hen te begeleiden bij de grote stap naar het secundair.

Door de bomen het bos niet meer zien, is de indruk die leerlingen en ouders kunnen hebben als ze willen weten hoe het secundair onderwijs is georganiseerd. En toegegeven, het is geen evidente zaak om dit op je eentje uit te pluizen. Daarom is het van belang dat de leerkrachten in het basisonderwijs hen begeleiden en de soms moeilijke, abstracte begrippen helder toelichten. Deze site reikt ook enkele handige hulpmiddelen aan om het gesprek te voeren.

Op 1 september van het kalenderjaar waarin ze 12 worden, kunnen leerlingen starten in 1B, en ten laatste wanneer ze 15 jaar worden. Het gaat meestal om leerlingen die reeds een schoolse vertraging opliepen en waar er sterke aanwijzingen zijn dat zij hun getuigschrift basisonderwijs niet zullen behalen. Om te vermijden dat deze jongeren afhaken vooraleer ze een diploma op zak hebben, gaan ze volgens leeftijd naar het secundair. Als leerkracht zorg je er vooral voor om leerling en ouders tijdig in te lichten en een positief traject op te starten. Positief, omdat het gevaar voor een deuk in het zelfvertrouwen bij de leerling om de hoek loert. Het accent moet blijven liggen op de waarderende benadering en een zoektocht naar de kwaliteiten en interesses van de leerling.

 

Ken de scholen in je buurt of regio, weet waar je leerlingen zich inschrijven en probeer over deze scholen (en hun studieaanbod) zoveel mogelijk te weten te komen. Die informatie is essentieel om ouders en leerlingen goed te begeleiden in het studie- en schoolkeuzeproces. Wie over een stevig netwerk in die scholen beschikt, heeft voor die begeleiding sterke troeven in handen. Interessant is ook om dieper te graven dan enkel het studieaanbod. Probeer de sfeer en cultuur te vatten: hoe worden leerlingen met bepaalde noden en behoeften begeleid? Is er een enthousiasme aanwezig voor activiteiten buiten de klas(m)uren? Wat doet de school met de informatie die we als basisschool aanreiken? Welke verschillen en gelijkenissen zijn er tussen die specifieke secundaire school en de basisschool ? …

Leerlingen willen vooral aan den lijve ondervinden hoe het er in de ‘grote school’ aan toegaat. Daarom zijn gerichte en (aan beide kanten) goed voorbereide schoolbezoeken een mijlpaal in het keuzeproces. Het geeft aanleiding om de beeldvorming over het secundair onderwijs en zijn onderwijsvormen bij te stellen. Je kunt ook een beroep doen op het CLB en mensen binnen het secundair (leerkrachten, oud-leerlingen) die hun kijk en ervaring kunnen overbrengen. Blijf vooral de leerlingen aanmoedigen om naar die scholen te gaan die in hun aanbod en cultuur dicht aanleunen bij hun kwaliteiten en interesses.

Sommige ouders vinden snel hun weg in de structuur van het secundair onderwijs of beschikken over een netwerk waarop ze kunnen terugvallen. Maar voor vele ouders is dit een moeilijke opdracht. Voortdurende begeleiding en toegankelijkheid vanuit de basisschool zijn voor hen belangrijke steunpilaren. Bovendien willen ook zij weten of hun beeld over bepaalde scholen, studierichtingen en beroepen ‘klopt’. Het is de opdracht hier om hen te versterken, opdat zij finaal een goede keuze kunnen maken, samen met hun kind. Er wordt terecht op dat punt veel van de basisschool verwacht.

Uit ons onderzoek en de vele gesprekken met leerkrachten, leerlingen en ouders kwamen enkele terugkerende valkuilen naar boven. De meeste hebben te maken met de timing, de start van het keuzeproces, met de impliciete verwachtingen die ouders en leerlingen hebben t.a.v. de school en met hardnekkige percepties over het secundair onderwijs. Valkuilen zijn als gevaardriehoeken die je tijdig waarschuwen. Zaak is om er met het hele team alert voor te blijven, ze regelmatig ter sprake te brengen en ouders/leerlingen goed te bevragen. Bovendien is het belangrijk om goede overdrachtsafspraken met de scholen te maken: welke informatie over onze leerling is zinvol? Wat doe je met die info? …



Toolbox

Toolbox