Valkuilen

Wachten tot op het laatste ogenblik  -  Sommige leerkrachten vinden dat je ouders en leerlingen niet te vroeg moet overladen met informatie over het secundair onderwijs. Voor veel leerlingen en hun ouders is het secundair onderwijs echter een grote onbekende. Dit zorgt vaak voor de nodige stress en onzekerheid. Stel informatiemomenten dan ook niet uit tot het laatste ogenblik. Zet het thema op de agenda in het vijfde leerjaar. Sommige ouders en leerlingen starten het keuzeproces dan al door opendeurdagen te bezoeken. Anderen vertrouwen veel meer op het systeem en gaan pas op het einde van het zesde op zoek naar een geschikte school, waardoor ze vaak te laat zijn. Een goede timing in een studie- en schoolkeuzeproces is dus cruciaal. Gebruik onze tijdlijn als houvast. Denk ook aan leerlingen die de basisschool wellicht vroeger zullen verlaten voor de B-stroom en informeer hen tijdig over het secundair onderwijs.

‘Hoog mikken’ centraal stellen  -  Leerlingen en ouders hebben vaak diepgewortelde ideeën over bepaalde studievormen en -richtingen. Dit leidt soms tot een studiekeuze waarin hoog mikken centraal staat, eerder dan te kijken naar wat aansluit bij de mogelijkheden en interesses van de leerling. Tracht bestaande percepties te doorbreken, maar stel de dingen niet mooier voor dan ze zijn. Bepaalde studierichtingen beperken de toekomstige mogelijkheden van leerlingen, wat niet wegneemt dat ze soms de beste of meest haalbare optie zijn. Geef correcte en volledige informatie, met inbegrip van alle mogelijkheden én beperkingen van bepaalde keuzes. Het gaat er om een studie- en schoolkeuze te maken die recht doet aan de capaciteiten en kwaliteiten van de leerling.

‘Vastroesten’ in eigen percepties  -  Wees je goed bewust van je eigen referentiekader. Ook jij hebt, op basis van je eigen achtergrond en ervaringen, een beeld van het secundair onderwijs. Probeer met een open vizier te kijken naar de structuur van het secundair onderwijs, studierichtingen en scholen. Vertrek van de kwaliteiten en interesses van je leerlingen en zoek de best passende match in het brede aanbod. Gebruik hiervoor bijvoorbeeld dit argumentatieschema. Wees je ook bewust van je expertise: je hebt al veel leerlingen begeleid naar het secundair onderwijs en je kan daar veel informatie uit halen. Ook met je team kun je nadenken over percepties die leven. Breng binnen het team een discussie op gang over ieders overtuigingen en meningen, en hoe je als leerkrachtenteam die percepties best bijstuurt.

Oppervlakkig schooladvies geven  -  Ouders willen graag weten welke school je zou aanraden voor hun kind. Ga dit niet uit de weg, maar spring er omzichtig mee om. Het is jouw taak om brede info over scholen te geven, eerder dan gericht reclame te maken. Van sommige scholen kan je wel zeggen of ze wel of eerder niet bij het profiel van de leerling passen. Vaak is meer gedetailleerde informatie over een bepaalde school een trigger voor ouders en leerlingen om op schoolbezoek te gaan. Dit is wat je dient aan te moedigen, want een reëel schoolbezoek biedt de beste aanknopingspunten om een goede keuze te maken. Hoe je dit aanmoedigt, lees je in deze tips.

Alle beschikbare info willen doorgeven  -  Als leerkracht wil je dat je leerlingen goed terechtkomen in het secundair en er dezelfde ondersteuning en zorg krijgen als in de basisschool. Een goede informatieoverdracht lijkt dus cruciaal. Vandaag is het de regel dat zorgdossiers worden doorgegeven. Veel leerkrachten basisonderwijs vinden deze informatieoverdracht echter minimaal en dat is begrijpelijk. Als leerkracht heb je een heel traject afgelegd met je leerlingen. Je kent hun kwaliteiten en interesses, je weet waar ze sterk in zijn en waar ze over struikelen. Je kent ook hun ouders, hun thuissituatie en de verwachtingen die er leven. En je wilt dit graag doorgeven aan de volgende school.

Maar secundaire scholen zitten niet altijd te wachten op goedbedoeld advies van hun collega’s uit het basisonderwijs. Misschien is het ook niet altijd in het belang van de leerling dat een secundaire school veel informatie over hem/haar heeft. Ze komen in een nieuwe context terecht en hebben recht op een nieuwe start. Er bestaan geen geijkte procedures voor een brede informatieoverdracht tussen basis en secundair, al zijn er wel enkele inspirerende praktijkvoorbeelden. Een goede aanpak is om zelf communicatielijnen op te zetten met secundaire scholen in de buurt. Belangrijker dan een stapel documenten doorgeven, is de uitwisseling of samenwerking tussen leerkrachten. Soms leidt dit zelfs tot een heel nieuwe structuur met een eigen insteek, zoals bij de tienerschool.